Inloggen (e-mail/wachtwoord)

Drie karakters

Geplaatst op: 16-06-2010
door: Maarten
oud-cursist

- Blokkarakter - Innerlijke monoloog - Dialoog

Prof.dr. Hugo Lanting, staat er op het bordje op de deur van zijn werkkamer. Een jongensachtige man van vijfenvijftig met levendige ogen. En wie de moeite neemt de kleine lettertjes daaronder te lezen ziet dat hij hoogleraar huisartsengeneeskunde is. Niet groot, niet klein of anderszins uitzonderlijk, uiterlijk helemaal in alles gemiddeld. In zijn vak echter alles behalve gemiddeld. Een huisarts zoals een huisarts behoort te zijn. Voorkomend, troostend en vooral geruststellend. Vaderlijk, gevat en – voor de goede verstaander – vol humor. Als de situatie het toelaat, uiteraard. En natuurlijk zelfverzekerd, mild en kalm, en een idool voor zijn medewerkers. Vooral de vrouwelijke, maar altijd in het nette, zoals hij er zelf altijd lachend bij zegt.

Zijn talrijke eredoctoraten hangen niet aan de muur, maar liggen ergens in een la, samen met een bronzen Olympische judomedaille en een aantal slordig gekopieerde interviews uit internationale vakbladen  Een vrolijke foto van zijn echtgenote, in de hoeken afgeschermd door pasfotootjes van zijn kleindochters – zes en vier inmiddels – is het enige persoonlijke op zijn opgeruimde bureau. Een ideaal leven, zo lijkt het.

- - - - - - -

Edwin van Nieuwpoort, aangenaam. Iedereen kent mijn naam, maar weinigen weten hoe ik er uitzie. Ik ben, zeg maar, bekend van televisie. Het werk dat ik doe is interessant. Ik zou, denk ik, ook niet veel anders kunnen dan televisieprogramma’s maken. Het is flitsend, uitdagend en interessant. Dat geldt eigenlijk voor het hele wereldje waarin ik me begeef. Ik ken geen saaie mensen, mijzelf incluis. Dat heeft wel zo zijn keerzijden. Mijn ex is er met mijn naaste collega en beste vriend, Tijn, vandoor. Ik zie ze nog vaak. En ik ben zelf nu met een toch wel vrij jonge regieassistente. Soms denk ik dat ze me wil omdat ik bekend ben, maar zij zegt dat het haar echt gaat om wie ik ben. Als mens dus. Maar wie ben ik eigenlijk als mens? In de bar, ’s avonds na het werk ben ik de getapte jongen. Bijna vijftig, maar toch nog steeds een jongen. Die het nog iedere nacht doet met een meid die wat leeftijd betreft z’n dochter had kunnen zijn. Dat dan weer wel.  

Maar verder ben ik soms moe, erg moe, en dan heb ik er even geen zin meer in. Maar wat dan wel? Dit is mijn leven. Huwelijk gestrand, geen kinderen, alleen een lege megahut in Blaricum en een groot jacht dat ligt weg te roesten in Vinkeveen. Geen leven eigenlijk, buiten het Gooise wereldje. Gelukkig heb ik nog wel wat plannen. En wat jongens die ik uit een ver verleden ken, die daarbij verdienstelijk kunnen zijn. Wie weet wordt het nog wel eens wat met mij. Of wie weet loopt het nog wel eens verkeerd met mij af. Eigenlijk kan het me niet zoveel schelen. Ik ga het gewoon anders doen.

- - - - - - -

‘Desiree van Blitterswijck!”.

“Hee, Dees, Bianca, hier! Luister, ik ben in een taxi op weg naar je toe en ik…”

“In een taxi?! Is die rare sportwagen van je alweer stuk?”

“Nee, die staat thuis, maar luister! Ik heb op dat congres vanmiddag waar ik je van verteld heb  een waanzinnig leuke man ontmoet. Een jonge Franse professor, die me heeft uitgenodigd voor een diner vanavond in het Amstel, maar ik kan niet even snel naar huis om een jurk te halen en toen dacht ik…”.

“Nee hè, niet weer mijn blauwe Prada-jurkje?!”

“He toe, schat, ik kan echt niet naar huis en dat pakje dat ik aan heb kan ook echt niet voor een diner, dat is leuk voor op kantoor met de jongens, maar… Toe, toe, Dees, dit is echt waanzinnig belangrijk voor me!”

“Hoe vaak heb ik je niet gezegd dat je altijd voorbereid moet zijn op afspraken, Bianc, voor welke gelegenheid dan ook”.

“Ja ja, mijn grote zus. Je hebt gelijk. Je hebt altíjd gelijk. Ik ben een kip, als je dat wilt horen, als je me je blauwe jurkje maar uitleent. Toe nou Dees, hij is jong en knap en leuk…!`

Het was even stil. `Hoe laat ben je hier? En: ik breng je natuurlijk zelf naar dat restaurant!`


print
Reageer (0)